UNESCO-Biosfeerreservaat bevestigt dat Aruba's land en zee één geïntegreerd systeem vormen

ORANJESTAD – In het kader van Wereldmilieudag (5 juni) en Wereld Oceaandag (8 juni) benadrukte wetenschappelijk expert en Arubaanse contactpersoon voor het UNESCO-programma Mens en de Biosfeer (Man and the Biosphere Programme), dr. Marck Oduber, het historische belang van de recente aanwijzing van Aruba als UNESCO-Biosfeerreservaat.

Volgens Oduber bevestigt deze internationale erkenning officieel Aruba's toetreding tot het wereldwijde netwerk van UNESCO-Biosfeerreservaten, dat in 2025 uit 784 reservaten in 142 landen bestaat.

"Dit is een historisch moment voor Aruba en de Caribische regio," aldus Oduber. "Aruba wordt het derde biosfeerreservaat in het Nederlands- en Engelstalige Caribisch gebied en versterkt daarmee de positie van onze regio binnen dit wereldwijde netwerk."

Oduber legde uit dat een biosfeerreservaat veel meer is dan een symbolische erkenning. De aanwijzing vertegenwoordigt volgens hem een langetermijnverbintenis om te werken aan een toekomst waarin natuur, cultuur, wetenschap, economie en gemeenschap samen kunnen floreren.

Het Aruba Biosfeerreservaat omvat het gehele eiland, inclusief meer dan 19.000 hectare land en ongeveer 3 miljoen hectare aan maritieme en economische zones rondom Aruba. De aanwijzing erkent dat land en zee niet los van elkaar kunnen worden beheerd, maar als één samenhangend systeem moeten worden beschouwd dat het welzijn, de economie en de culturele identiteit van Aruba ondersteunt.

"Voor Aruba, als grote oceaanstaat, is een gezonde zee essentieel voor onze voedselzekerheid, de blauwe economie, het toerisme en onze weerbaarheid tegen klimaatverandering," aldus Oduber.

Volgens de expert ondersteunen mangroven, zeegrasvelden en koraalriffen niet alleen de biodiversiteit, maar beschermen zij ook kustgemeenschappen en dragen zij bij aan het behoud van de Arubaanse levenswijze.

Oduber legde een direct verband tussen deze visie en diverse milieu-initiatieven die momenteel op Aruba worden uitgevoerd, waaronder herbebossingsprojecten, koraalherstelprogramma's en de verdere versterking van het Aruba Marine Park.

Daarnaast werd benadrukt dat de visie van het Biosfeerreservaat aansluit bij verschillende regionale en internationale samenwerkingsverbanden, waaronder het Ocean Coordination Mechanism, IOC/UNESCO-programma's en diverse allianties die zijn ontstaan tijdens de Common Good Conference. Tijdens deze conferentie werden memoranda van overeenstemming ondertekend die gericht zijn op duurzaamheid, ecosysteemherstel en wetenschappelijke samenwerking.

Een van de belangrijkste aspecten van deze erkenning is volgens Oduber dat Aruba dit resultaat heeft bereikt via een uitgebreid proces van co-creatie en maatschappelijke dialoog. De overheid, niet-gouvernementele organisaties (ngo's), de wetenschappelijke gemeenschap, de private sector, de toeristische sector, vissers, onderwijsinstellingen en jongeren hebben allemaal bijgedragen aan de ontwikkeling van deze gedeelde visie.

"Het biosfeerreservaat behoort ons allemaal toe," benadrukte Oduber. "Iedere betrokkene speelt een belangrijke rol in de bescherming, het duurzaam beheer en de regeneratie van onze natuurlijke hulpbronnen."

Volgens Oduber biedt deze erkenning Aruba de mogelijkheid om uit te groeien tot een "levend laboratorium" en een regionaal centrum voor onderzoek en innovatie op het gebied van duurzame ontwikkeling, waar kennis en ervaringen worden gedeeld met andere biosfeerreservaten in het Caribisch gebied en daarbuiten.

Tot slot benadrukte Oduber dat het succes van het biosfeerreservaat niet uitsluitend afhangt van de UNESCO-erkenning, maar vooral van de collectieve inzet van de Arubaanse gemeenschap.

"Het succes ervan zal afhangen van onze gezamenlijke inzet, onze voortdurende maatschappelijke dialoog en onze bereidheid om samen te blijven werken aan een veerkrachtiger, welvarender en duurzamer Aruba," concludeerde hij.

Wereld Oceaandag (8 juni)