Ministeriële Beschikking voor afwijking (art. 16, 1e lid) voor het uitvoeren van het ontwikkelproject Nederlands als vreemde taal voor klas 3 van het primair onderwijs
Updated on:
MINISTER VAN ONDERWIJS EN SPORT, BELAST MET HET MINISTERIE VAN KONINKRIJKSRELATIES, ONDERWIJS, JEUGD, INNOVATIE EN SPORT - 2026 - 05

MINISTERIËLE BESCHIKKING
van
DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN SPORT,
BELAST MET HET MINISTERIE VAN KONINKRIJKSRELATIES, ONDERWIJS, JEUGD, INNOVATIE EN SPORT
Handelende in overeenstemming met
DE MINISTER VAN FINANCIËN EN CULTUUR,
BELAST MET HET MINISTERIE VAN FINANCIËN, ECONOMISCHE ZAKEN EN PRIMAIRE SECTOR
Gelezen:
- het projectdossier Leermiddelenontwikkeling, no. MOG/699, d.d. 11 augustus 2017;
- het projectdossier Methode Nederlands Taalsprong klas 3–6, nr. O-3881, d.d. 16 augustus 2024;
- het advies inzake samenstelling en voortzetting ontwikkelgroep project Methode Nederlands als Vreemde Taal (NVT) klas 3 primair onderwijs, kenmerk 20986, d.d. 24 februari 2026;
Overwegende:
- dat de scholen voor primair onderwijs, in het kader van de implementatie van Alfabetisacion na Papiamento in het schooljaar 2026–2027, dienen te beschikken over een geschikte methode Nederlands als vreemde taal voor klas 3, aansluitend op de methode Taalsprong voor klas 1 en 2;
- dat voor de uitvoering van dit project specifieke, specialistische kennis en expertise vereist is, welke niet binnen de Departamento di Enseñansa Aruba beschikbaar is, zodat het noodzakelijk is externe deskundigheid in te huren voor het ontwikkelen van educatieve teksten, verwerkingsopdrachten en het verzorgen van functionele bronnen bij de leerteksten, conform het door de ontwerper aangeleverde format;
- dat het aantal deskundigen met aantoonbare en relevante expertise op het gebied van de ontwikkeling van educatieve NVT-leermiddelen zeer schaars is;
- dat A. v. H. beschikt over aantoonbare ervaring met vergelijkbare ontwikkel-opdrachten, waaronder de methode Whizz-Art voor het kleuteronderwijs en klas 1 en 2 van het primair onderwijs, welke onder verantwoordelijkheid van de Departamento di Enseñansa Aruba is vervaardigd en direct beschikbaar is om de dienstverlening aan te vangen;
- dat A. v. H. het vertrouwen geniet van de aanbestedende dienst en de dienstverlening verricht op basis van een uurtarief;
- dat de totale kosten van de externe ondersteuning Afl. 83.200, - bedragen, zijnde een bedrag boven de drempel genoemd in artikel 11, eerste lid, van de Aanbestedingsverordening Aruba, zodat in beginsel een onderhandse aanbesteding zou zijn vereist;
- dat evenwel sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdeel b, van de Aanbestedingsverordening Aruba, nu de opdracht uitsluitend kan worden uitgevoerd door een specifieke dienstverlener wegens de vereiste bijzondere deskundigheid, ervaring en continuïteit;
- dat het houden van een onderhandse aanbesteding in dit specifieke geval niet doelmatig is, aangezien andere potentiële dienstverleners niet of niet tijdig beschikken over vergelijkbare inhoudelijke expertise en inwerkperiode, hetgeen zou leiden tot vertraging, kwaliteitsrisico’s en hogere kosten;
- dat derhalve is voldaan aan uitzonderingsgronden zoals verwoord in artikel 16, eerste lid, onderdeel b, om artikel 11, eerste lid, van de Aanbestedingsverordening buiten toepassing te laten en de opdracht uit de hand te gunnen;
- dat de onderhavige opdracht onderdeel uitmaakt van een subsidieverzoek aan TWO Nederland, en dat, gelet op de voortgang en de daaraan verbonden tijdsdruk van het ontwikkelproject, de hiermee gemoeide kosten voorlopig worden voorgefinancierd uit de begrotingspost 16786003.4342 van het begrotingsjaar 2026;
- dat na ontvangst van de subsidiegelden van TWO Nederland een administratieve correctie en verrekening zal plaatsvinden overeenkomstig de geldende financiële voorschriften;
- dat tenslotte is gebleken dat de ministeriële beschikking d.d. 3 maart 2026, kenmerknr. Dond/345/26, onvolkomenheden bevat en daarom dient te worden ingetrokken;
Gelet op:
- artikel 16, eerste lid, onderdeel b, van de Aanbestedingsverordening (AB 2019 no. 39);
HEEFT BESLOTEN:
- dat om redenen genoemd in de considerans, artikel 11, eerste lid, van de Aanbestedingsverordening buiten toepassing blijft voor het uitvoeren van het ontwikkelproject Nederlands als vreemde taal voor klas 3 van het primair onderwijs;
- om de onder I. genoemde dienstverlening uit de hand te gunnen aan A. v. H. voor een totaalbedrag van Afl. 83.200, - en daartoe een overeenkomst van opdracht te sluiten voor de duur van twaalf (12) maanden van 1 februari 2026 tot en met 31 januari 2027;
- dat de opdrachtnemer afhankelijk van haar specialisatie een vooraf schriftelijk afgesproken eindproduct zal vervaardigen;
- dat de totale vergoeding voor de voornoemde werkzaamheden Afl. 83.200,- bedraagt en, gelet op de tijdsdruk, vooraf wordt gefinancierd uit begrotingspost 16786003.4342 van het begrotingsjaar 2026, en na ontvangst van de subsidiegelden van TWO Nederland administratief zal worden gecorrigeerd en verrekend;
- dat deze ministeriële beschikking binnen tien dagen na dagtekening wordt bekendgemaakt op de algemene website van de overheid.
- dat de ministeriële beschikking d.d. 3 maart 2026, kenmerknr. Dond/345/26, wordt ingetrokken.
Oranjestad, 20 april 2026
De minister van Onderwijs en Sport, belast met het ministerie van Koninkrijksrelaties, Onderwijs, Jeugd, Innovatie en Sport
